Zelf alles online berekenen

Al 23 jaar informatief en onafhankelijk.
267 rekentools en ruim 25.000.000 berekeningen per jaar.
Geheel bijgewerkt voor 2023

De belasting box 3 hoofdpijn27-12-2022

Prinsjesdag 2022 - belastingplan 2023De belasting box 3 is inmiddels een flink hoofdpijndossier geworden. Het bezorgt u mogelijk hoofdpijn, ons zeker en waarschijnlijk de belastingdienst en onze overheid ook.

Hieronder zetten we op een rijtje welke box 3 rekentools we inmiddels hebben en hoe we de box 3 belasting berekenen in de andere tools.
Tegelijk vertellen we ook wat over de oorzaken van de mogelijk hoofdpijn in de jaren 2023 tot en met 2025.

Onze box 3 rekentools

Zelden hebben we zoveel tijd moeten steken in één belastingonderdeel als de laatste jaren bij al het gedoe met box 3. Gelukkig zagen we al een tijdje aankomen dat de box 3 belasting zou gaan veranderen, maar toch werden we ook vaak verrast door de gemaakte keuzes. Voor iedereen die door de bomen het bos niet meer ziet, een overzicht wanneer welke tools gebruikt kunnen worden.

Voor welk belastingjaar wilt u een berekening maken:

Onze rekentools die rekenen over een langere periode, rekenen met belasten van het werkelijk behaalde rendement. De belasting is hierbij 31% in 2022 tot (voorlopig) 34% vanaf 2025.
Zo wordt de box 3 belasting nu berekend in onze rekentools zoals vermogensopbouw, vermogensafbouw, hypotheek aflossen, familiebankhypotheek, etc.
Dit is soms een benadering, maar volgens ons wel de beste optie. In de jaren 2023 t/m 2025 kan uw situatie hier wel van afwijken, vooral als uw behaalde rendementen (of lening kosten) afwijken van de gemiddelden in Nederland in dat jaar. Meer daarover verderop.

De jaren 2022, 2021 en daarvoor

Na de uitspraak van de Hoge Raad is de belastingdienst gekomen met een tussenoplossing voor nog openstaande ‘oude’ jaren en voor de jaren daarvoor vanaf 2017 voor mensen die tijdig bezwaar hebben aangetekend.
De box 3 belasting wordt hierbij op twee manieren berekend, waarbij de laagste belasting (per persoon) wordt gebruikt voor de aanslag. Methode A is de oude manier van berekenen, zoals die gold vanaf 2017. Methode B is de berekening volgens een nieuwe methode, de zogenaamde ‘spaarvariant’.

Deze tussenoplossing geldt voor 2021 en 2022 voor iedereen. Er waren namelijk nog geen definitieve aanslagen voor die jaren opgelegd.

De spaarvariant

De spaarvariant is een tussenoplossing die rekent met forfaitaire rendementen, maar hierbij probeert men wel de werkelijkheid beter te benaderen dan de oude manier van berekenen deed. Deze tussenoplossing is nodig totdat (de automatisering van) de belastingdienst de werkelijk behaalde rendementen kan gaan gebruiken.

De spaarvariant gaat uit van de verdeling van het box 3 vermogen in drie categorieën: banktegoeden (sparen), overige bezittingen (beleggen) en schulden. Voor elke categorie geldt een forfaitair percentage dat zo goed mogelijk passend is voor het betreffende jaar. Daarom worden de percentages voor sparen en schulden ook pas na het betreffende jaar vastgesteld. Het percentage voor beleggen wordt wel eerder bepaald en wel op dezelfde manier als voor Methode A.

De spaarvariant voor 2023 t/m 2025

Vanaf 2023 wordt de box 3 belasting alleen nog berekend volgens de spaarvariant. Dit blijft zo totdat de nieuwe methode, waarschijnlijk vermogensaanwasbelasting per 2026, wordt ingevoerd.

Hoofdpijn

De spaarvariant kan hoofdpijn betekenen voor bepaalde mensen. Dit treedt vooral op bij:

  • Bepaalde fiscale constructies.
  • Sterk afwijkende rendementen.

Mensen die box 3 constructies hebben opgetuigd, die in het verleden fiscaal interessant waren, kunnen daar nu last van krijgen. Denk hierbij aan geld schenken en terug lenen, geld lenen (voor een woning) en daarnaast sparen of beleggen, de familiebank, etc.

Dit komt vooral doordat schulden in box 3 nu apart behandeld worden. Werden schulden voorheen van het bezit afgetrokken, nu krijgen ze een marktconform lager percentage dan geld voor beleggen (overige bezittingen). Een huis van € 400.000 in box 3 naast een lening van € 400.000 gaf voorheen een vermogen van € 0 en belasting € 0.
Nu geeft dit in 2023 € 400.000 belast met een rendement van 6,17% en een aftrek van € 400.000 belast met circa 2,5%. Het resultaat is circa 3,7% × € 400.000 × 32% = circa € 4.750 te betalen belasting in box 3. Dat kan hoofdpijn geven.
NB Dit speelt uiteraard alleen als er een grondslag is, bijvoorbeeld omdat er ook ander vermogen in box 3 is, of de WOZ-waarde voldoende hoger is dan de lening.

Daarnaast gaan ook mensen die een laag beleggingsrendement behalen in box 3, meer belasting betalen. Spaarders zijn veilig, zij worden minimaal belast, maar alles wat geen bank- of spaartegoed is, wordt gezien als een belegging en belast alsof er 6,17% rendement mee gemaakt is. Ook als dat niet het geval is, bijvoorbeeld omdat er geld uitgeleend is tegen een lagere rente of groen belegd is met een laag rendement.

Bedenk hierbij wel dat de hoofdpijn van tijdelijke aard is, in 2026 komt er immers een ander systeem, zonder forfaitaire percentages.

Vermogensaanwasbelasting vanaf 2026

Op termijn, als (de automatisering van) de belastingdienst het aankan, gaat het werkelijk behaalde rendement belast worden. Daar kan de overheid nu niet langer onderuit komen.

Dit kan in grote lijnen op twee manieren:

  • Vermogenswinst belasten: uitbetaalde winsten gerealiseerd in box 3 worden belast. Denk aan rente, dividend, huurinkomsten, etc.
  • Vermogensaanwas belasten: hetzelfde verhaal, maar nu worden ook nog niet gerealiseerde winsten belast. Denk hierbij aan koersstijgingen van aandelen, de waardestijging van een woning, etc.

De plannen op dit moment zijn om de vermogensaanwas te belasten. Maar er is politieke weerstand. Een van de problemen hierbij is namelijk liquiditeit. Er moet al belasting betaald worden over vermogenswinsten die nog niet zijn uitbetaald. Denk aan de waardestijging van aandelen. Op papier zijn de aandelen meer waard geworden, maar er is nog geen geld ontvangen. Op papier kan men dus wel vermogenswinst behaald hebben, daarmee heeft men nog niet altijd voldoende geld beschikbaar (liquide) om de belasting te kunnen betalen. Hier zal nog wel wat over gedebatteerd worden.

We hebben een vermogensaanwasbelasting rekentool die rekent volgens de laatste plannen. In deze tool kunt u nu onbeperkt vermogensonderdelen toevoegen. U ziet dan gelijk ook wat de gevolgen zijn van het belasten van nog niet gerealiseerde winst.
Dat deze berekeningsmethode aardig wat input vraagt, wordt gelijk ook duidelijk. Het is heel wat anders dan de 30% belasting × 4% forfaitair rendement × vermogen, wat gold t/m 2016.

Hoofdpijn?

Als straks – eindelijk – het werkelijk behaalde rendement belast wordt, zullen de meeste fiscale trucs voor box 3 niet meer werken. U betaalt dan gewoon een deel van het inkomen behaald in box 3 als belasting. Klinkt eigenlijk best wel fair.

Tegelijk blijven constructies waaraan anders derden (meestal banken) meeverdienen, zoals de familiebank, mogelijk interessant.

 

 

Zelf berekenen

Er zijn in totaal 25 rekentools voor Sparen & Beleggen.